Vaccinatieschema’s in de EU/EER

Old man with the kids
© iStock

Elk EU/EER-land is verantwoordelijk voor zijn eigen nationale volksgezondheidsbeleid en dus ook voor zijn nationale immunisatieprogramma en vaccinatieschema. Informatie over de nationale vaccinatieschema’s van de lidstaten van de EU/EER is te vinden in het ECDC-vaccinatieoverzicht.

Er zijn bepaalde verschillen in de manier waarop landen hun vaccinatieschema’s opstellen. De vaccinatieschema’s van de EU/EER-landen zijn weliswaar vergelijkbaar, maar niet identiek. De schema’s kunnen onder meer regelen welke leeftijds- of bevolkingsgroepen dienen te worden ingeënt (bijvoorbeeld alle kinderen van een bepaalde leeftijd, of alleen kinderen die tot een risicogroep behoren), welk specifiek type vaccin wordt gebruikt (de bestanddelen kunnen variëren), hoeveel doses worden verstrekt en wanneer, en of er één vaccin of een combinatie van vaccins wordt toegediend.

Factoren die de uiteenlopende schema’s (deels) verkaren zijn onder meer de ziektelast, de prevalentie van de ziekte en de ontwikkelingen in de verschillende landen, de beschikbare middelen en structuren van het nationale zorgstelsel, politieke en culturele factoren en de bestendigheid van het vaccinatieprogramma.

Het feit dat de vaccinatieschema’s verschillen, wil niet zeggen dat sommige schema’s beter zijn dan andere. Zij zijn alleen afgestemd op verschillende omstandigheden en zorgstelsels. In alle EU/EER-landen wordt hetzelfde beschermingsniveau gewaarborgd. De nationale schema’s voorzien in een passend tijdskader voor de verschillende vaccinaties om voor een goede bescherming te zorgen.

In alle EU/EER-landen omvat het vaccinatieschema voor kinderen inentingen tegen:

  • mazelen
  • bof
  • rodehond
  • difterie
  • tetanus
  • kinkhoest
  • polio
  • Haemophilus influenzae type b
  • humaan papillomavirus (bij meisjes in de puberteit of op adolescente leeftijd).

De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) beveelt aan om vaccinatie tegen hepatitis B op te nemen in het algemene vaccinatieschema voor kinderen, maar in sommige EU/EER-landen worden alleen kinderen met een hoog infectierisico en volwassenen uit risicogroepen ingeënt.

In sommige EU/EER-landen worden kinderen door vaccinatie beschermd tegen:

  • hepatitis A
  • influenza
  • invasieve infecties door Neisseria meningitidis
  • invasieve infecties door Streptococcus pneumoniae
  • rotavirus
  • tuberculose
  • waterpokken (varicella)

Daarnaast bevelen alle EU/EER-landen vaccinatie tegen seizoensinfluenza (griep) aan voor ouderen en risicogroepen.

De EU onderzoekt een eventuele verdere harmonisatie van de nationale vaccinatieschema’s. De Raad van de EU heeft op 7 december 2018 aanbevelingen gedaan over betere samenwerking bij de bestrijding van ziektes die door vaccinatie kunnen worden voorkomen, waarin onder meer is voorzien in een onderzoek naar de haalbaarheid van een kernvaccinatieschema van de EU. Het ECDC verricht thans samen met nationale volksgezondheidsinstanties uit de hele EU een desbetreffende evaluatie.

Met een dergelijke harmonisatie wordt beoogd de compatibiliteit van de nationale vaccinatieschema’s te verbeteren en gelijke toegang tot vaccinaties in de hele EU te bevorderen. Dit kan problemen voorkomen die mensen kunnen ondervinden als zij naar een andere EU-lidstaat verhuizen, bijvoorbeeld doordat zij zich aan een ander vaccinatieschema moeten aanpassen (met inbegrip van het aantal herhalingsvaccinaties en het tijdstip van toediening ervan) of doordat zij een inenting missen.

Verplichte of aanbevolen vaccinaties

Elk EU/EER-land voert zijn eigen immunisatieprogramma uit.

Inhaalvaccinaties en boosters

Het komt voor dat mensen een inenting zijn vergeten of dat ze niet het aanbevolen aantal doses van een vaccin hebben gekregen.

Wanneer moet u vaccinatie vermijden?

Voor bepaalde mensen kan een vaccin gecontra-indiceerd zijn, wat betekent dat dit vaccin niet aan hen mag worden toegediend...

Page last updated 13 mrt 2020